view');

Iedereen kan wel eens hulp gebruiken!

Ieder mens is uniek en heeft een unieke hulpvraag. Het klinkt cliché maar het is echt waar. In de afgelopen drie jaar hebben we meer dan 300 begeleidingstrajecten opgestart. 300 unieke verhalen. Natuurlijk komen de thema’s overeen. Maar de achtergrond, de levensfase, het sociale netwerk; het maakt ieder begeleidingstraject uniek.

Daarom zijn we gestart met het vertellen van een aantal van deze verhalen. Zodat jij, als je op zoek bent naar begeleiding, kunt zien dat je niet alleen staat. Zodat je als verwijzer een beeld hebt bij het type vragen die we oppakken en als sollicitant bij wat je kunt verwachten als je bij Vivens Begeleiding aan de slag gaat.

De verhalen zijn echt. De namen en foto’s fictief. Maar zoals je op de foto kunt zien en dat willen we ermee aantonen; het zijn unieke mensen met unieke verhalen. Iedereen kan wel eens hulp gebruiken! Achter iedere voordeur gaat een uniek verhaal schuil.

Dit verhaal gaat over Sofia en is geschreven door haar begeleider Claudia uit Arnhem.

Sofia

Het is februari als ik bij Sofia aanbel voor een kennismakingsgesprek. Sofia is een alleenstaande vrouw van begin vijftig. Zij woont zelfstandig in een appartement in Arnhem dat zij deelt met haar stokoude kat Bella die enorm belangrijk voor haar is. Haar wijkcoach, die al een tijdje betrokken is en Sofia daarom goed kent, is ook aanwezig. Sofia werd aangemeld bij Vivens Begeleiding omdat er meer zorg nodig is dan het wijkteam kan bieden. Sofia heeft de diagnose depressie en ontvangt behandeling door een GGZ-instelling. Haar depressieve klachten nemen haar volledig in beslag en bepalen haar leven. Haar levenslust is verdwenen en gedachten over suïcide overvallen haar regelmatig. Het idee is om Vivens Begeleiding in te zetten als verlengstuk van de behandeling om, op een praktische manier in de thuissituatie, de behandeling aan te vullen waar mogelijk. Sofia zou eigenlijk weer meer naar buiten moeten gaan: boodschappen doen bijvoorbeeld (die laat ze nu bezorgen), door de natuur wandelen of mensen ontmoeten. Maar ook in huis zou het helpend zijn als er weer structuur komt. Ze kookt al een tijdje niet meer voor zichzelf en misschien lukt het om oude hobby’s weer op te pakken zoals lezen of muziek. Daarnaast heeft Sofia ook behoefte aan een luisterend oor om haar hart te luchten.

Haar kat Bella is alles voor Sofia, zij is echter ook een bron van zorgen. Bella houdt er niet van om alleen gelaten te worden en gaat dan hard en klagend miauwen. Sofia blijft daarom voor haar thuis. Bella heeft daarnaast veel gezondheidsproblemen en zal naar verwachting niet langer dan een jaar meer te leven hebben. Gezien het feit dat Bella Sofia door meerdere diepe dalen heeft geholpen, is deze gedachte voor Sofia ondraaglijk.

De klik tussen Sofia en mij is meteen aanwezig. Ze raakt me met haar bescheiden houding. Bij alles wat ze vraagt en zegt, lijkt het alsof ze diep van binnen vindt dat ze mijn tijd en aandacht niet verdient. Soms zegt ze ineens uit het niets: ‘Je moet onze gesprekken wel heel saai vinden he, want er verandert steeds maar niets’, of ‘Sorry, ik zit alleen maar te janken, dat is voor jou natuurlijk helemaal niet leuk’. Het tegenovergestelde is het geval. Ik kom juist heel graag bij haar en ik zie dat ze iedere dag kleine stappen zet die haar op termijn beslist vooruit zullen helpen. De jaren leren je de dingen die de dagen niet weten, leerde en oud-collega mij eens, en dat is waar. Inmiddels zijn we een half jaar verder. Die depressie is een akelige kwaal, die maar niet wil wijken. Er is wel een fijne samenwerking tussen de GGZ-instelling en mij als ambulant begeleider vanuit Vivens Begeleiding. Ik weet hoe zwaar de dagen voor Sofia zijn en hoe met name de ochtenden haar kwellen. Toch kan ik niet anders dan bewondering hebben voor het uithoudingsvermogen dat ze toont. We begonnen klein, met wat praktische afspraken in huis. Hoe vaak ga je weer koken, hoe organiseer je dat? Welk boek ga je lezen, hoeveel minuten per dag? Ze hield zich aan al onze afspraken, ondanks de energie die het haar kostte en het feit dat het niet meteen resultaten opleverden. We liepen regelmatig even een rondje door de wijk waarbij de meest intense onderwerpen ter sprake kwamen: de naderende dood van Bella, haar eigen doodswens maar ook haar angst voor de dood en het verlies van familieleden.  Na een paar maanden was Sofia zover dat ze uit zichzelf aangaf dat ze wel weer iets buitenhuis wilde gaan ondernemen, bijvoorbeeld vrijwilligerswerk. Dit ondanks het gegeven dat het haar erg zwaar viel om Bella achter te moeten laten (er werd wel op haar gelet, dat had ze zelf geregeld), gingen we ervoor. Menig onmogelijke plek hebben we bezocht en we ontdekten zo samen wat wel en niet passend was.

Inmiddels hebben we een leuke en passende organisatie gevonden waar ze iedere week een paar uurtjes heen gaat. Sofia haalt er nog geen plezier uit, maar toch doet het haar goed. Het geeft haar een bepaalde vrijheid en zelfstandigheid die ze in de afgelopen jaren kwijt was geraakt. Ondertussen vallen mij steeds vaker allerlei kleine veranderingen op. ‘Heb je door dat je nu al een kwartier gepassioneerd over boeken aan het vertellen bent?’, vroeg ik haar laatst. ‘Ja,’ zei ze, ‘Gek he? Ik voel me even bevrijd en normaal, bijna licht.’

We weten allebei dat dit momentopnames zijn en dat ze even later waarschijnlijk weer even somber zal zijn als de dagen ervoor. Maar dat mag! Zulke momenten geven wel hoop. We hebben dit soort hoopgevende ogenblikken nu al een paar keer gehad. Wie weet is het binnenkort wel een keer een hele dag en over een tijdje misschien wel een paar dagen, dat Sofia kan genieten van het leven en geen somberheid ervaart. Het zijn deze kleine succesjes en het vertrouwen in elkaar wat maakt dat we doorgaan.